Waarom welzijn in het onderwijs meer vraagt dan goede bedoelingen

Datum: 26 januari 2026
Auteur: Jans Steendam

Van losse initiatieven naar duurzame impact

Als onderwijskundig adviseur en psycholoog merk ik dagelijks hoe betrokken docenten zijn bij het welzijn van hun studenten. Als ik gesprekken heb met docenten hoor ik ze vaak benoemen hoe graag ze willen dat het goed gaat met alle studenten. Veel docenten willen daar ook nog wel een stapje extra voor zetten, als ze dan weten dat het beter gaat met de studenten. Dit vind ik altijd mooi om te zien, een echt hart voor het onderwijs en voor hun studenten.

Het is dan ook niet vreemd dat op veel scholen allerlei initiatieven ontstaan om het mentale welbevinden van studenten te versterken. Denk aan thema- of projectweken, gastlessen, losse trainingen of tijdelijke programma’s rondom stress, veerkracht of sociale vaardigheden. Deze thema’s zijn steeds belangrijker aan het worden in het onderwijs en het welzijn van studenten staat dan ook zichtbaar hoger op de agenda dan tien jaar geleden. Toch hoor ik ook vaker de vraag terugkomen: “We doen zoveel, maar waarom lijkt het effect zo tijdelijk?”

Losse initiatieven

Op veel scholen worden vaak losse initiatieven gekozen wanneer het gaat om het welzijn van studenten. Het is begrijpelijk dat die keuze gemaakt wordt, want de druk op het onderwijs is hoog, tijd is beperkt en veel interventies worden aangeboden in de vorm van afgebakende projecten. Daarbij sluiten themaweken en korte programma’s goed aan bij de behoefte om snel iets concreets te doen wanneer zorgen over studenten toenemen.

Ook beleidsmatig wordt deze werkwijze vaak gestimuleerd. Subsidies en externe trajecten zijn meestal tijdelijk, waardoor scholen zich noodgedwongen richten op wat binnen een korte periode haalbaar is. Het resultaat is een mengeling van goedbedoelde, maar losstaande initiatieven. Op zichzelf zijn deze initiatieven waardevol. Ze kunnen bewustwording vergroten, gesprekken openen en tijdelijke verlichting geven. Het probleem zit niet in wat scholen doen, maar in hoe deze inspanningen zijn georganiseerd.

Waar lopen we tegenaan?

Daar ontstaat hetgeen waar veel scholen nu tegenaan lopen. Er wordt steeds meer gedaan aan welzijn, maar juist doordat deze inspanningen versnipperd zijn, ervaren studenten en docenten weinig continuïteit. Wat in de ene week aandacht krijgt, verdwijnt in de weken daarna weer naar de achtergrond zodra de focus verschuift naar cijfers, toetsen en deadlines.

Voor studenten betekent dit dat welzijn iets tijdelijks wordt, een thema in plaats van een vanzelfsprekend onderdeel van school zijn. Voor docenten betekent het dat zij wel verantwoordelijkheid voelen, maar niet altijd een duidelijk kader hebben waarbinnen zij kunnen handelen. Maar hoe kan het dan anders?

Wat zegt onderzoek?

Onderzoek laat zien dat alleen een brede, geïntegreerde aanpak binnen de hele school ervoor zorgt dat onze inspanningen daadwerkelijk een blijvend effect hebben. Het is essentieel dat deze aanpak goed wordt uitgevoerd en niet na één of twee jaar stopt, maar echt deel gaat uitmaken van de school. Zulke initiatieven leveren namelijk veel meer positieve resultaten op voor studenten (Cefai et al., 2021). Hierbij is het belangrijk dat deze goed geïmplementeerd worden en er echt tijd en aandacht voor deze aanpak is (Durlak et al., 2011; Cefai et al., 2021). Deze bevindingen worden bevestigd door het overzichtsrapport van het Wellbeing Research Centre van de Universiteit van Oxford, waarin wordt beschreven dat een Whole School Approach effectiever is dan losse interventies die zich focussen op een onderdeel van welzijn, omdat welzijn ontstaat uit het samenspel van curriculum, schoolcultuur, relaties, beleid en leeromgeving. Door welzijn op al deze niveaus structureel te verankeren, ontstaat een dieper en duurzamer effect op zowel het welbevinden als het leren van studenten. Het rapport laat zien dat scholen die deze aanpak langdurig en zorgvuldig implementeren verbeteringen realiseren in schooltevredenheid, sociale en emotionele vaardigheden, mentale gezondheid en leerprestaties. Essentieel daarbij is dat deze aanpak wordt gezien als een meerjarig ontwikkelproces waarin student- en docentstem, ouderbetrokkenheid en beleidsverankering samenkomen, zodat welzijn echt onderdeel wordt van het dagelijks functioneren van de school (Zhou et al., 2025)

Een vraag die we onszelf mogen stellen

Dit roept een andere vraag op: niet of scholen betrokken zijn, want die inzet is er zeker, maar of het welzijn van studenten op school duurzaam en effectief is georganiseerd. Duurzame impact wordt namelijk pas bereikt wanneer aandacht voor mentaal welbevinden geen tijdelijk project blijft, maar juist verweven raakt met het dagelijks functioneren van de school. In het volgende artikel ga ik dieper in op wat dit precies inhoudt.

Cefai, C., Simões, C. and Caravita, S. (2021) ‘A systemic, whole-school approach to mental health and well being in schools in the EU’ NESET report, Executive Summary. Luxembourg: Publications Office of the European Union. doi: 10.2766/50546.

Durlak, J. A., Weissberg, R. P., Dymnicki, A. B., Taylor, R. D., & Schellinger, K. B. (2011). The impact of enhancing students’ social and emotional learning: A meta-analysis of school-based universal interventions. Child Development, 82(1), 405–432. https://doi.org/10.1111/j.1467-8624.2010.01564.x

Zhou, W., Taylor, L., Boyle, L., Funk, S., DeBorst, L., & De Neve, J-E. (2025). Whole School Approach to Wellbeing in Childhood and Adolescence: Literature Review. International Baccalaureate Organization.

Up-do-date blijven?

Ontvang onze nieuwsbrief

Schrijf je in
0 reacties

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *